Na al het om- en verbouwgeweld dat NeufegliseThierry de afgelopen weken over ons uitstort, durf ik het woord ‘project’ niet meer in de mond te nemen. Alsof ik op een wiskunde-olympiade mijn vinger opsteek om te zeggen dat ik weet hoeveel twee plus drie is. Daarom
without any further ado: ik heb de originele Viggen achterremmen vervangen door die van een 9-5 Aero.
Waarom? Belangrijkste reden was dat ik het verschil tussen voor en achter te groot vond. Ik heb op de vooras serieuze remmen (330 mm schijven met achtpots klauwen) en dat moest ik, vond ik, aan de achterkant enigszins compenseren. Toen ook Danny (de ‘D’ in
J & D van den Bosch) zei dat de setup van mijn ankerinstallatie ‘best wel’ onevenwichtig was, was het pleit beslecht. Temeer omdat de conversie naar 9-5 Aero-specs tamelijk recht-toe-recht-aan is.
Plug and play, las ik op diverse webistes, wat Danny bevestigde.
De tweede reden was puur cosmetisch. Niet alleen vond ik de originele 286 mm schijven aan de magere kant, maar al vanaf dag één ergerde ik me aan de door de vorige eigenaar rood geverfde remklauwen. Ieder zijn ding en over smaak valt niet te twisten (je hebt het, of je hebt het niet), maar ik vind het een ontzettend armoedige ‘wel willen, maar niet kunnen’-uitstraling hebben. Nu had ik daar natuurlijk best zwart of grijs overheen kunnen kwasten, maar omdat ik altijd in mijn achterhoofd had ‘iets’ met de achterremmen te gaan doen, kwam het daar nooit van. Maar nu ging dan eindelijk de kogel door de kerk.
Ik begon met het verzamelen van onderdelen – voor mij een van de leukste aspecten van deze hobby. In gebruikt/gereviseerd had ik geen zin. Als je het doet, moet je het goed doen, en dus koos ik voor ‘alles nieuw OEM’ (in de VS zijn kits te vinden waarmee je de achterremmen van een Subaru Impreza STi kunt implementeren, maar dat vond ik een wat ál te glijdende schaal). Zo duur zou het per slot van rekening allemaal niet worden: twee geventileerde 300 mm remschijven, twee remklauwen, setje remblokken – meer is het niet. Dacht ik.
Toen ik alles binnen had, meldde ik me bij mijn vaste monteur Nick. Die gooide echter al na een paar minuten de handdoek in de ring. Op de door mij aangeleverde klauwen ontbraken de brackets (zeg maar de montagebeugels) en dan houdt het op. ‘Je hebt ook op maat gemaakte flexibele remslangen nodig’, meesmuilde Nick. Dat wist ik, daar had ik het vooraf met hem over gehad, maar kennelijk was een en ander
lost in translation geraakt. Ik meende gehoord te hebben dat Nick die slangen zelf kon maken, maar dat bleek – nu puntje bij paaltje kwam - niet het geval. Terug naar de tekentafel dus. Althans, op zoek naar brackets en passende slangen. Die laatste vond ik met één telefoontje (J&D had ze gewoon op voorraad), hoewel ik behoorlijk schrok van de prijs. Maar wie A zegt…
De brackets bleken echter een serieus probleem. Niet los te vinden. Lennard/Sapphire vertelde me dat die dingen geen eigen onderdeelnummer hebben (waardoor het zoeken naar een speld in een hooiberg werd), waarschijnlijk omdat niemand ze los nodig heeft. Om diezelfde reden had ik nieuwe klauwen ontvangen zonder brackets. ‘Dat is gebruikelijk’, wist Lennard, ‘want men gaat er vanuit dat je de oude brackets overzet. De enige oplossing is eigenlijk om twee gebruikte remklauwen te kopen waar de brackets aan vast zitten. En dan gooi je de klauwen weg.’ Een tamelijk dure uitkomst, die ik - na even langdurig als vruchteloos googelen – noodgedwongen opvolgde. En die het kostenplaatje, inclusief staalomvlochten remslangen, met ruim € 300 verhoogde. Maar inmiddels was ik gevoelsmatig het
point of no return al lang en breed gepasseerd. En zoals ik al zei: wie A zegt…
Drie uur sleutelen door de J&D-monteur verder, inclusief het noodzakelijkerwijs aanpassen van de stofkappen, en alles zat eronder. Ik vind het fantastisch staan, maar dat mag natuurlijk ieder voor zich bepalen. Hoe het remt? Onder normale omstandigheden merk je geen verschil. Abnormale omstandigheden heb ik nog niet opgezocht, noch meegemaakt. Volgens Denny zou het een wereld van verschil moeten zijn. We gaan het zien.
